Hesiodus (Oudgrieks: Ἡσίοδος, Hēsíodos) was een Griekse dichter uit de archaïsche periode, die vermoedelijk rond 700 v.Chr. leefde. Samen met Homerus behoort hij tot de vroegst bij naam bekende dichters van de Griekse literatuur. Over zijn leven is weinig met zekerheid bekend; veel van wat over hem wordt verteld, is afkomstig uit zijn eigen gedichten of uit latere tradities.
1. BIOGRAFIE

Volgens zijn eigen werk kwam zijn familie oorspronkelijk uit Cyme in Klein-Azië en vestigde zijn vader zich in Ascra in Boeotië, op het Griekse vasteland. Hesiodus beschrijft Ascra als een harde en onaangename plaats. Hij vertelt ook over een conflict met zijn broer Perses, aan wie hij een belangrijk deel van zijn Werken en Dagen richt.
Hesiodus presenteert zichzelf niet als een held of hofzanger, maar als een dichter die van de Muzen de opdracht heeft gekregen de waarheid over goden en mensen te verkondigen. Zijn poëzie heeft daardoor een sterk didactisch karakter. In de Theogonie beschrijft hij de oorsprong van de kosmos en de opeenvolgende generaties goden, terwijl hij in de Werken en Dagen schrijft over arbeid, landbouw, rechtvaardigheid, menselijke ellende en de juiste manier van leven.
Zijn werk vormt een belangrijke schakel tussen de oudere mondelinge traditie van de Griekse epische poëzie en de latere geschreven literatuur. Vooral zijn systematisering van de Griekse godenwereld heeft een blijvende invloed gehad op de mythologie, literatuur en beeldende kunst.
Hesiodus zou volgens een oude traditie in Ascra zijn begraven, hoewel ook andere plaatsen aanspraak maakten op zijn graf. Zijn precieze levensdata en veel details over zijn bestaan blijven onzeker.


