IRVIN KLAW
Inleiding:
Irving Klaw was een Amerikaanse ondernemer en uitgever die wordt beschouwd als een van de grondleggers van de commerciële fetisj- en bondagefotografie in de Verenigde Staten. Zelf noemde hij zich de “Pin-Up King”: vanuit een bescheiden tweedehands boekwinkel in Manhattan bouwde hij een miljoenenbedrijf op in postorderfoto’s en -films van pin-upmodellen, waaronder de latere iconische Bettie Page. Klaw was strikt genomen geen fotograaf maar vooral handelaar en opdrachtgever, die het werk liet uitvoeren door ingehuurde fotografen, illustratoren en modellen. Zijn zaken brachten hem herhaaldelijk in conflict met justitie, wat uiteindelijk leidde tot de ondergang van zijn bedrijf, maar zijn invloed op de latere fetisjcultuur en de bekendheid van Bettie Page bleef groot.

Vroege leven
Irving Klaw werd geboren op 9 november 1910 in Brooklyn, New York, als kind van een Joods gezin. Na vier jaar zonder succes als bontwerker te hebben gewerkt, opende hij samen met zijn zus Paula eind jaren dertig een tweedehands boekwinkel in Manhattan.
Van boekwinkel tot pin-up imperium
Klaw begon met de verkoop van filmster-foto’s en lobbykaarten nadat hij merkte dat tieners geregeld foto’s uit zijn filmtijdschriften scheurden. Uiteindelijk stopte hij helemaal met de boekverkoop en verplaatste hij de winkel van de kelder naar de begane grond. Hij noemde zichzelf de “Pin-Up King” en zijn zaak groeide uit tot Movie Star News, met een bloeiende internationale postorderhandel in cheesecake- en glamourfoto’s van filmsterren.
Pionier van de fetisjfotografie
Eind jaren veertig voegde Klaw een nieuw en spraakmakend soort foto’s toe aan zijn assortiment: jonge vrouwen, vastgebonden en gekneveld, gekleed in bizarre leren, rubberen en satijnen kostuums. Hiermee werd hij, samen met zijn voorganger Charles Guyette, een van de grondleggers van de commerciële fetisjfotografie in de Verenigde Staten. Klaw was zelf overigens geen fotograaf maar vooral opdrachtgever en handelaar: hij liet beeldmateriaal maken door ingehuurde fotografen en illustratoren zoals Eric Stanton en Gene Bilbrew, en werkte met modellen als Lili Dawn, June King en Joan Rydell.
Zijn bekendste model werd Bettie Page, wier bondage- en pin-upfoto’s voor Klaw haar uitgroeiden tot icoon. Klaw en zijn zus Paula waren er zeer op gebrand geen naaktheid in de foto’s te tonen, om te voorkomen dat het materiaal als pornografisch en dus illegaal voor verzending per post zou gelden.
In de jaren vijftig regisseerde Klaw ook zelf burlesquefilms, zoals Varietease (1954) en Teaserama (1955), met onder anderen Bettie Page, Lili St. Cyr en Tempest Storm.
Juridische vervolging
Klaws bedrijf werd in de jaren vijftig en zestig herhaaldelijk doelwit van justitie. De Kefauver-hoorzittingen van de Senaatscommissie voor jeugdcriminaliteit in 1957 betekenden het begin van het einde van zijn postorderimperium. Onder zware maatschappelijke en politieke druk sloot Klaw zijn winkel en verbrandde hij een groot deel van zijn negatieven — naar schatting ging zo’n 80 procent verloren. In 1963 leidde Robert F. Kennedy een campagne om Klaw en zijn zwager Jack Kramer te veroordelen wegens samenzwering tot het versturen van pornografisch materiaal per post.
Dood en nalatenschap
Irving Klaw overleed op 3 september 1966 aan complicaties van een onbehandelde blindedarmontsteking. Hij liet twee zoons na, Arthur en Jeffrey. Zijn zus Paula bewaarde, buiten medeweten van haar broer, in het geheim duizenden foto’s en negatieven, waardoor een groot deel van zijn oeuvre alsnog bewaard bleef. Zijn neef Ira Kramer nam de familiezaak Movie Star News over, tot die in 2012 sloot en verhuisde naar Las Vegas.
Dankzij de hernieuwde belangstelling voor Bettie Page vanaf de jaren tachtig groeide ook Klaws reputatie als een van de grondleggers van de moderne fetisjfotografie. Hij werd neergezet door Dukey Flyswatter in de biografische film Bettie Page: Dark Angel (2004) en door Chris Bauer in The Notorious Bettie Page (2005).
